Peter Paul Rubens, Gaspard Gevartius, KMSKA.

SPECIALISATIE: Portret

De portretkunst is zeer divers en bestaat uit uiteenlopende types en formaten: van intiem tot publiek, van handzaam tot monumentaal groot, van een enkeling tot een groep en van een buste tot een portret ten voeten uit. De aard van het portret is afhankelijk van de identiteit en de intentie van de geportretteerde. De context waarin de geportretteerde zich bevindt, vaak gepaard met bepaalde attributen, zegt iets over zijn sociale stand. Luxegoederen vertellen ons dat iemand kapitaalkrachtig is, en een bepaalde smaakvoorkeur onderstreept een bepaalde status. In het geleerdenportret dat Rubens van Jan Gaspard Gevartius maakt, wijzen boeken en een buste van Marcus Aurelius op diens intellectuele niveau.

Attributen kunnen ook op een beroepscategorie of -vereniging wijzen zoals in Abraham Grapheus. De man is omhangen met de breuken of zilveren schotels van het Antwerpse Sint-Lucasgilde.

Enerzijds zijn portretten voor privédoeleinden bestemd. Familieportretten die soms in serie voorkomen, onderstrepen de deugd van het huwelijk en het gezin als belangrijkste kern. Een dergelijk portret is een vehikel voor zelfpromotie, zoals in de portretten van de familie Vekemans door Cornelis de Vos. Zelfportretten zijn door sommige kunstenaars, zoals Rubens en van Dyck, bijzonder geliefd. Een bijzonder intiem portret dat de huiselijke kring niet mocht verlaten, is het naaktportret van de tweede echtgenote van Rubens: Hélène Fourment of Het Pelsken (Kunsthistorisches Museum, Wenen)

Anderzijds zijn er portretten die in meerdere of mindere mate een publiek doel hebben. We denken aan het staatsieportret of het ruiterportret waarin machthebbers zich gezeten op een paard laten vereeuwigen. In de Nederlanden is de gebeeldhouwde portretbuste een prestigieus genre. François Duquesnoy (1643-1597) en Artus Quellinus I (1609-1668) zijn uitblinkers. Een voorbeeld van een gebeeldhouwd heersersportret is Quellinus' Luis de Benavides Carillo, markies van Caracena, landvoogd van de Spaanse Nederlanden.

In navolging van de vijftiende-eeuwse traditie ontstaan retabels met portretten van de opdrachtgevers op de zijluiken. In de grafsculptuur wordt de overledene soms in zijn geheel gebeeldhouwd zoals in het Praalgraf van Monseigneur Antonius Triest.


Matthias Depoorter