Peter Paul Rubens

Peter Paul Rubens, 'Plantin-Moretus/ Prentenkabinet, Antwerpen'Peter Paul Rubens is een Antwerpse schilder en tekenaar. Hij is de belangrijkste en meest gevierde zeventiende-eeuwse kunstenaar uit Noord-Europa. Zijn invloed is bijzonder groot. Rubens is het typevoorbeeld van de pictor doctus, of geleerde kunstenaar. Hij krijgt een humanistische opleiding, bezit een uitgebreide talenkennis, kent de klassieke literatuur en spiegelt zich aan de neostoïcijnse leer van Justus Lipsius (1532-1599). Rubens collectioneert antiquiteiten en schilderijen. De kunstenaar verwerkt zijn intellectuele bagage in zijn werken

Rubens is een echte hofschilder en omwille van zijn vernuft wordt hem gevraagd om diplomatieke reizen te ondernemen. Hij is bijzonder succesvol als kunstenaar en kan voor de talloze opdrachten terugvallen op een atelier met uitstekende medewerkers. Bekende kunstenaars zoals Anthony van Dyck (1599-1641) passeren er de revue. Rubens is een alleskunner en vervaardigt monumentale altaarstukken, grote mythologische cycli, portretten, dramatische dierstukken, landschappen, architectuurplannen, grafiek en tapijtontwerpen.

Bepalend in zijn loopbaan is zijn verblijf in Italië van 1600 tot 1608. Vooral de kunst uit de Veneto, met name het werk van Titiaan (Ca. 1485/90-1576) en Tintoretto (1519-1594), maakt een onuitwisbare indruk. Dit uit zich in de dramatische compositie, en het kleur, licht- en ruimtegebruik. Daarenboven baseert hij zich op het clair-obscur van onder anderen Caravaggio (1571-1610), op de monumentale figuren van Michelangelo (1475-1564) en het werk van Rafaël (1483-1520).

Omstreeks 1608-1612 is Rubens sterk beïnvloed door het caravaggisme en de atletische figuren van Michelangelo. Tussen 1612 en 1620 evolueert hij naar een meer classicistische stijl: harmonieuze structuur, sculpturale figuren en verzadigde kleuren. Hét voorbeeld is De kruisafneming in de Antwerpse Onze-Lieve-Vrouwekathedraal.

Vanaf 1620 doet de zogenaamde hoogbarok (maniera grande) zijn intrede in het oeuvre van Rubens. Het gaat om een verhoogde expressie, grotere dramatiek en stukken van een monumentale grootte. De triomfalistische propaganda van de contrareformatie wordt in Rubens' werk geëchood. Een typevoorbeeld is De val der verdoemden (Alte Pinakothek, München).

Rond 1630 leunt Rubens stilistisch dicht aan bij Titiaas ultima maniera of laatste stijlontwikkeling. Rubens streeft ernaar om verfpartijen in elkaar te laten verglijden. De dikker aangebrachte verf van rond 1612 vervangt hij door een lichtere manier van schilderen: zachter coloriet, lossere verftoets. Rubens staat bekend om zijn temperamentvolle en snelle schilderwijze.

Rubens' stijl wordt tegen het einde van zijn leven lyrischer. In deze periode concentreert de meester zich onder andere op landschappen. Werken met mythologische verhaalstof blijven populair. In dat opzicht moet de cyclus rond de Metamorfosen van Ovidius als decoratief programma van het jachtslot Torre de la Parada van Filips IV vermeld worden.

1568-1589

Rubens' vader is Jan Rubens (gestorven 1587), actief als advocaat en magistraat in Antwerpen. Rubens' moeder heet Maria Pijpelinckx (gestorven 1608). Het ouderlijk koppel verlaat Antwerpen in 1568 omwille van hun conflicterende lutheraans geloof. Ze trekken naar het huidige Duitsland en wonen achtereenvolgens in Keulen, Siegen en opnieuw in Keulen. Het gezin Rubens bestaat uit drie kinderen: Blandina, Filips en Peter Paul.

28 juni 1577

Peter Paul Rubens wordt hoogstwaarschijnlijk in Siegen geboren.

1587

Jan Rubens sterft. Rubens en zijn familie blijven nog tot 1589 in Keulen wonen.

1589

De familie Rubens keert terug naar Antwerpen.

De jonge Rubens wordt bekeerd tot het katholieke geloof en krijgt een humanistische opleiding. Hij loopt school aan de Latijnse school van Rombout Verdonck in Antwerpen. Vervolgens wordt hij page in dienst van Marguerite de Lalaing d'Arenberg, gravin van Ligne.
Om het schildersvak te leren gaat Rubens achtereenvolgens bij de meesters Tobias Verhaecht (1561-1630), Adam van Noort (1562-1641) en Otto van Veen (1556-1629) in de leer. Otto van Veen is zijn belangrijkste leermeester. Rubens leert van hem de finesses van de Italiaanse hoogrenaissance uit de zestiende eeuw.

1598

Rubens wordt vrijmeester in het Antwerpse Sint-Lucasgilde. Hij vervaardigt in deze periode werken die erg gelijken op die van zijn leermeester Van Veen. Slechts weinig jeugdwerken zijn overgeleverd. Voorbeelden zijn Adam en Eva uit de collectie van het Rubenshuis (Antwerpen) en de Amazonenslag (Bildergalerie, Potsdam-Sanssouci).

1600-1608

Rubens verblijft op het Italisch schiereiland. Hij is er in dienst van Vincenzo Gonzaga (1562-1612), hertog van Mantua. De kunstenaar krijgt de permissie om alle belangrijke kunstcentra in Italië te bezoeken. Vooral Rome en de Veneto maken indruk op hem. Hij bestudeert er de kunst van de klassieke Oudheid, de renaissance en de prille barok.

1603

Rubens reist in opdracht van Gonzaga naar Spanje. Hij schildert het Ruiterportret van de hertog van Lerma (Museo del Prado, Madrid).

1604-1605

Peter Paul Rubens schildert in opdracht van Vincenzo Gonzaga 3 grote doeken voor de Cappella Maggiore in de Santissima Trinità in Mantua. Een van die doeken, De doop van Christus, vervaardigd voor de zijmuren van het koor, bevindt zich heden in de collectie van het Koninklijk Museum voor Schone Kunsten in Antwerpen.

1605-1606

Rubens werkt in Genua en maakt er onder andere portretten van de stedelijke aristocratie.

Eind 1606-1608

Rubens gaat in Rome wonen, samen met zijn broer Filips. Hij krijgt er van de orde van de Oratorianen belangrijke opdrachten voor altaarstukken. Rubens schildert De Heilige Gregrorius en andere heiligen (Musée des Beaux-Arts, Grenoble) voor het hoofdaltaar van Santa Maria in Vallicella in Rome. Omwille van compositorische redenen wordt hem gevraagd een nieuwe versie te maken.

1608

Rubens werkt de 2e versie van De Heilige Gregrorius en andere heiligen (Santa Maria in Valicella, Rome) af.
Rubens' moeder sterft en in oktober is hij terug in Antwerpen. Hij zal nooit meer terugkeren naar Italië.

1609

Het Twaalfjarig Bestand (1609-1621) onder aartshertogen Albrecht en Isabella zorgt voor een meer geoliede economie. Rubens wordt benoemd tot hun hofschilder. Hij is niet verplicht om aan het hof in Brussel te resideren en installeert zich in Antwerpen.

3 oktober 1609

Rubens trouwt met Isabella Brant en schildert in dit opzicht Zelfportret met Isabella Brant (Alte Pinakothek, München).

1609-1610

Rond 1609-1610 vervaardigt Rubens Samson en Delilah voor het groot salet in Nicolaas Rockox' huis (1560-1640). (National Gallery of Art, Londen) Op aangeven van Rockox levert Rubens De aanbidding van de koningen voor het Antwerpse stadhuis (Museo del Prado, Madrid). De kunstenaar begint aan de monumentale triptiek met De kruisoprichting die op het hoofdaltaar van de nu verdwenen Walburgiskerk wordt geïnstalleerd. (Antwerpen, Onze-Lieve-Vrouwekathedraal)

1611

Clara Serena, zijn eerste kind, wordt geboren. Zijn broer Filips Rubens sterft.

1612-1614

In opdracht van het kolveniersgilde, waarschijnlijk op aangeven van Rockox die hoofdman van het gilde is, schildert Rubens De kruisafneming (Onze-Lieve-Vrouwekathedraal, Antwerpen).

1613

Nicolaas Rockox bestelt Epitaaf van Nikolaas Rockox en zijn vrouw Adriana Perez (Rockoxtriptiek, KMSKA, Antwerpen) als epitaaf voor zichzelf en zijn vrouw Adriana Perez in de Immaculatakapel in de voormalige Minderbroederskerk in Antwerpen.

1614

Rubens' eerste zoon, Albert, komt ter wereld.


Venus Frigida
(KMSKA, Antwerpen) is een van de weinige werken die gedateerd en gesigneerd worden. Het paneel wordt na 1640 substantieel vergroot, met onder meer een landschap.

1616-1621

Rubens laat zijn huis en atelier optrekken aan de Wapper in Antwerpen. Voor het ontwerp baseert hij zich op palazzi uit Genua.

1616-1617

Voor de Sint-Janskerk in Mechelen schildert Rubens De aanbidding van de koningen.

20 juni 1617

Koopman Jan Michielsen sterft in Antwerpen. Zijn weduwe Maria Maes bestelt bij Rubens het drieluik Epitaaf van Jan Michielsen en zijn vrouw Maria Maes (Christus op het stro, 1618) als epitaaf voor zijn graf in de Onze-Lieve-Vrouwekathedraal. (KMSKA, Antwerpen)

Circa 1617-1618

De opdracht voor een tapijtenreeks rond Decius Mus - Rubens' eerste tapijtenreeks - loopt binnen.

1618

Rubens' tweede zoon, Nicolaas, wordt geboren.

Circa 1618

De kunstenaar vervaardigt De verloren zoon (KMSKA, Antwerpen).

17 mei 1619

Rubens ondertekent een kwijtschrift van 750 gulden, een aanwijzing dat De laatste communie van de Heilige Franciscus (KMSKA, Antwerpen) voor de Antwerpse Minderbroederskerk af is.

11 augustus 1619

De Triptiek met de Wonderbare Visvangst wordt overgebracht naar de kerk van Onze-Lieve-Vrouw over de Dijle in Mechelen. Van de gildedekens krijgt Rubens 1600 gulden.

1620

De jezuïeten van de Sint-Ignatiuskerk (vandaag beter bekend als de Sint-Carolus Borromeuskerk) in Antwerpen bestellen bij Rubens 39 plafondschilderingen en drie altaarstukken. Rubens ontwerpt de modellen, maar Anthony van Dyck heeft de leiding over de opdracht en voert een substantieel deel van de plafondschilderingen zelf uit. Scènes uit het Oude en Nieuwe Testament zijn in verkort perspectief uitgevoerd en worden verlevendigd door architecturale trompe-l'oeils. In 1718 lopen de plafondschilderingen door een brand na een blikseminslag onherroepelijke schade op.

Circa 1620

Nicolaas Rockox heeft opnieuw de hand in een bestelling van een schilderij. Christus aan het kruis (De lanssteek) is bedoeld voor het nieuwe hoogaltaar van de Minderbroederskerk in Antwerpen. (KMSKA, Antwerpen) Rubens' beste leerling, Anthony van Dyck, helpt mee aan dit schilderij.

Voor het grafmonument van Jan de Pape en Judoca van der Capelle in de kerk van de Geschoeide Karmelieten (Onze-Lieve-Vrouwebroeders) schildert Rubens een Heilige Drievuldigheid. (KMSKA, Antwerpen)

1624

Rubens wordt verheven in de adelstand. In opdracht van bisschop Antonius Triest (1576-1657) schildert Rubens De bekering van Sint Bavo in het klooster voor het hoogaltaar van de Sint-Baafskathedraal. (Sint-Baafskathedraal, Gent)

23 december 1624 en 29 augustus 1626

Voor De Aanbidding door de koningen (KMSKA, Antwerpen), bestemd voor de kerk van de Sint-Michielsabdij, wordt Rubens' gage (1500 gulden) in 2 beurten uitbetaald. Het ontwerp van de oorspronkelijke marmeren beelden van de portiek waarin het altaar gevat is, is ook van Rubens' hand. De portiek wordt tijdens het Franse bewind verkocht en bevindt zich nu in de kerk van Zundert (Nederland).

Circa 1626-1627

Rubens voltooit De hemelvaart van Maria voor het hoogaltaar van de Onze-Lieve-Vrouwekathedraal.

1628

Voor de Antwerpse Sint-Augustinuskerk maakt Rubens Tronende Madonna omringd door heiligen (KMSKA, Antwerpen). Respectievelijk op het linker zijaltaar en rechter zijaltaar komen van Dycks De Heilige Augustinus van Hippo in extase (KMSKA, Antwerpen) en Jordaens' De marteling van de Heilige Apollonia (Koninklijke Musea voor Schone Kunsten van België, Brussel).

Circa 1628

Rubens vervaardigt een portret van humanist Jan Gaspard Gevartius (KMSKA, Antwerpen).

Tussen 1628-1631

Rubens neemt deel aan diplomatieke missies. Hij reist naar het hof van Filips IV in Madrid en reist op 29 april 1629 naar het hof van Karel I in Londen in functie van het vredesverdrag met Spanje. Rubens wordt in 1630 door Karel I geridderd. Op 6 december 1630 trouwt hij met Hélèna Fourment. In 1631 reist hij naar Den Haag omwille van de vredesonderhandelingen.

Circa 1630

De opvoeding van Maria bevindt zich in de nu verdwenen Discalsenkerk in Antwerpen, samen met de pendant Teresa van Ávila verkrijgt door Christus' tussenkomst de verlossing uit het vagevuur van Bernardino de Mendoza. (KMSKA, Antwerpen)

1632

Dochter Clara Johanna wordt geboren.

1633

De heilige familie met de papegaai (KMSKA, Antwerpen) wordt door Rubens aan het Antwerpse Sint-Lucasgilde geschonken. Rubens is verkozen tot deken maar hoeft, tot zijn genoegen, het gilde niet daadwerkelijk te besturen. Beeldhouwer Hans van Mildert neemt die taak op zich.

Voor een zijaltaar in de nu verdwenen Recollectenkerk in Gent schildert Rubens Franciscus van Assisi ontvangt de stigmata (MSK, Gent).

1635

Voor de Blijde Intrede van kardinaal-infant Ferdinand (1609-1641) (Pompa Introitus Ferdinandi) ontwerpt Rubens samen met Jan Gaspard Gevartius en Nicolaas Rockox het decoratieve programma, dat door verschillende kunstenaars uitgevoerd wordt. De serie voor Banqueting Hall in het paleis van Whitehall (Londen), een opdracht van Karel I, wordt afgewerkt.

Zijn dochter Isabella Helena ziet het levenslicht, en hij koopt Het Steen in Elewijt nabij Mechelen.

Ca. 1635

Maria omringd door heiligen wordt vervaardigd en Rubens vraagt enkele dagen voor zijn dood of het schilderij in de kapel, boven zijn graf, in de Sint-Jacobskerk in Antwerpen kan geplaatst worden.

1636

Rubens wordt hofschilder van kardinaal-infant Ferdinand. De opdracht van Filips IV voor de decoratie van het jachtpaviljoen Torre de la Parada nabij Madrid loopt binnen. Van het 100-tal mythologische taferelen wordt een deel door andere kunstenaars uitgevoerd.

1640

Op 17 mei schrijft Rubens zijn testament. Hij overlijdt op 30 mei. De meester wordt op 2 juni begraven in de Sint-Jacobskerk in Antwerpen.

1645

De oostelijke Onze-Lieve-Vrouwekapel, de private grafkapel van de familie Rubens in de Sint-Jacobskerk, is voltooid.


Matthias Depoorter

Adam en Eva - Peter Paul Rubens - 1598 - 1600 Adam en Eva
1598 - 1600
olieverf op paneel
Kop van een oude man - Peter Paul Rubens - 1601 - 1602 Kop van een oude man
1601 - 1602
Torso Belvedere - Peter Paul Rubens - 1600 - 1603 Torso Belvedere
1600 - 1603
 Doopsel van Christus - Peter Paul Rubens - 1604 - 1605 Doopsel van Christus
1604 - 1605
olieverf op doek
Samson en Delila - Jacob Matham - 1609 - 1611 Samson en Delila
1609 - 1611
papier (vezelproduct)
Kruisoprichting - Peter Paul Rubens - 1610 Kruisoprichting
1610
olieverf op paneel
De annunciatie - Peter Paul Rubens - 1610 - 1628 De annunciatie
1610 - 1628
olieverf op doek
Triptiek met de Verrijzenis van Christus (Epitaaf van Jan Moretus en Martina Plantijn)  - Peter Paul Rubens - 1611 - 1612 Triptiek met de Verrijzenis van Christus (Epitaaf van Jan Moretus en Martina Plantijn)
1611 - 1612
olieverf op paneel
De kruisafneming - Peter Paul Rubens - 1611 - 1614 De kruisafneming
1611 - 1614
olieverf op paneel
De stervende Seneca - Peter Paul Rubens - 1612 - 1614 De stervende Seneca
1612 - 1614
hout
 Epitaaf van Nikolaas Rockox en zijn vrouw Adriana Perez - Peter Paul Rubens - 1613 - 1615 Epitaaf van Nikolaas Rockox en zijn vrouw Adriana Perez
1613 - 1615
olieverf op paneel
De geseling - Peter Paul Rubens - circa 1617 De geseling
circa 1617