Cornelis de Vos

Cornelis de Vos, ‘Plantin-Moretus/Prentenkabinet, Antwerpen’Cornelis de Vos is een naar Antwerpen uitgeweken schilder van historiestukken, religieuze werken en portretten. Hij is de broer van Paul de Vos (1595-1678) en de schoonbroer van Frans Snijders (1579-1657). Met die twee laatsten en schoonbroer Jan Wildens (1584/86-1653) werkt De Vos bij gelegenheid samen. Hij neemt de figuren voor zijn rekening, zij zorgen voor stilleventaferelen en landschappen. Cornelis de Vos werkt hoofdzakelijk voor een Antwerps cliënteel bestaande uit rijke burgers. Daarnaast vervaardigt hij werken met het oog op de export, met name naar Spanje. De Vos is ook actief als kunsthandelaar.

Er is duidelijk sprake van invloed van Rubens in zijn vroegste werk. Voor compositieschema's, motieven en carvaggistische invloeden gaat hij bij de meester te rade. Zijn werk valt op door een warm coloriet en een verfijnde stofweergave.

De grootste renommee verwerft de Vos als portretschilder. Vanaf 1621, na het vertrek van Anthony van Dyck (1599-1641) uit Antwerpen, is hij de leidende portrettist van de Antwerpse burgerij. De Vos wordt niettemin door diezelfde van Dyck beïnvloed. Hij bezit een talent om kinderen te schilderen en toont zich een meester in de schildering van groepsportretten, zoals bijvoorbeeld in Portret van een familie uit 1631 (KMSKA, Antwerpen). Zijn familieportretten onderstrepen de notie van het familiale geluk, de deugd van het huwelijk en het gezin als nucleus.

Vanaf 1624 ruilt de Vos de dik opgebrachte verftoets in voor een lichtere schilderstijl en kiest voor landschappen in de achtergrond. Ook hier ontwaart men de invloed van Rubens. Vanaf circa 1630 evolueert zijn schilderkunst van reliëfachtige composities naar composities waarin de figuren geloofwaardiger in de ruimte geplaatst worden. Ook duikt dan een grotere aandacht voor het landschap op. Intensere gezichtsexpressies en verder uitgewerkte architectuur in de achtergrond zijn in lijn met de ontwikkelingen van de barok.

Circa 1584

Cornelis de Vos wordt geboren in Hulst (Zeeland).

1604

De Vos wordt de meesterknecht van David Remeeus (1559-1626) genoemd, een schilder van de tweede rang.

Op 29 april vraagt hij aan de Antwerpse stadsraad een document dat hem moet toelaten om elders onderricht te worden. Men weet niet of de jonge kunstenaar de stad effectief verlaat.

1608

De Vos wordt vrijmeester in het Antwerpse Sint-Lucasgilde.

1613

Voor de Onze-Lieve-Vrouw-ten-Boskerk in Nieuwkerke-Waas schildert de Vos de Afdaling van de Heilige Geest.

23 september 1616

Cornelis de Vos wordt ingeschreven als poorter van de stad Antwerpen.

27 mei 1617

Susanna Cock, die een halfzuster van de schilder Jan Wildens (1584-86-1653) is, en Cornelis de Vos worden in de echt verbonden. Het echtpaar krijgt 6 kinderen.

Circa 1617-1620

De aanbidding door de herders en de Presentatie in de tempel worden gemaakt voor de Sint-Pauluskerk in Antwerpen in het kader van de Rozenkransreeks.

1618

De kunstenaar wordt betaald door de rederijkers van De Olijftak voor het schilderen van het portret van Balthasar Charles, prins van de rederijkerskamer.

1619

De Vos is deken van het Sint-Lucasgilde in Antwerpen. Aan de stadsraad vraagt hij, in de hoedanigheid van kunsthandelaar, permissie om de markt van Saint-Germain in Parijs te frequenteren.

1620

Het portret van schilder Abraham Grapheus ontstaat in dit jaar. (KMSKA, Antwerpen) De Vos schenkt het werk in het kader van zijn ambt als deken aan de schilderskamer van het Sint-Lucasgilde. Zowel Anthony van Dyck als Jacob Jordaens maken studies naar de karakterkop van Grapheus. (Jacob Jordaens I, Studies van de kop van Abraham Grapheus, MSK, Gent)

1621

Cornelis de Vos schildert Zelfportret met echtgenote en twee oudste kinderen Magdalena en Jan-Baptist. (Koninklijke Musea voor Schone Kunsten van België, Brussel)

1623

Archiefstukken vermelden de Vos verschillende keren als kunsthandelaar.

Circa 1625

De rijke koopman Joris Vekemans (1590-1625) uit Antwerpen bestelt bij de Vos een portrettencyclus gewijd aan zijn familieleden. Vijf portretten zijn overgeleverd. (Museum Mayer van den Bergh, Antwerpen)

1626

De Vos vervaardigt de Kruisoprichting. (Kerk van de Heilige Amelberga in Wechelderzande)

1627

In dit jaar worden 6 koninklijke portretten besteld van achtereenvolgens: Filips IV van Spanje, de aartshertogen Albrecht en Isabella, Henri III van Frankrijk en Henri IV en Marie de' Medici. (Niet overgeleverd)

1630

De Vos schildert het epitaafstuk De Burgers van Antwerpen brengen de monstrans en de gewijde vaten die ze verstopt hadden voor Tanchelm naar de heilige Norbertus van Magdeburg (KMSKA, Antwerpen). Het stuk hing oorspronkelijk in de Sint-Michielsabdij in Antwerpen.

1631

In dit jaar vervaardigt de schilder Portret van een familie (KMSKA, Antwerpen).

1635

Cornelis de Vos is een van de kunstenaars die meewerken aan de decoraties van de Blijde Intrede van kardinaal-infant Ferdinand (1609-1641) (Pompa Introitus Ferdinandi), naar ontwerpen van Rubens. Een van de uitgezaagde beelden die de triomfboog op de Meir, ter hoogte van de Huidevettersstraat, bekroont, is bewaard en toegeschreven aan het atelier van de Vos (Jupiter en Juno, KMSKA, Antwerpen).

1636-1638

Samen met andere kunstenaars werkt de Vos, naar olieverfschetsen van Rubens, aan de mythologische decoraties van het jachtpaviljoen Torre de la Parada van Filips IV nabij Madrid.

9 mei 1651

Cornelis de Vos sterft in Antwerpen en wordt in de Onze-Lieve-Vrouwekathedraal begraven.


Matthias Depoorter