Adriaen Brouwer

Adriaen Brouwer, ‘Plantin-Moretus/Prentenkabinet, Antwerpen’
Adriaen Brouwer, ‘Plantin-Moretus/Prentenkabinet, Antwerpen’
Adriaen Brouwer is een schilder en een tekenaar afkomstig uit de Zuidelijke Nederlanden. Brouwer is zowel in de Noordelijke als de Zuidelijke Nederlanden actief. Over zijn leven is bijzonder weinig geweten. Hij maakt veel schulden, maar is ook een lid van de Antwerpse rederijkerskamer De Violieren. Weinig werken zijn gesigneerd, geen enkel is gedateerd. Brouwers oeuvre bestaat uit slechts een 60-tal schilderijen die bijna alle klein van formaat zijn.

Brouwer geniet vooral bekendheid als genreschilder. Boerenstukken met kaartspelers, rokers, brassers en vechters in herbergen vormen zijn handelsmerk. Deze stukken met gewone mensen hebben een moralistische grond en bevatten verwijzingen naar moralistische literatuur of duiden zelfs mogelijk op een neostoïcijnse demarche. In dat laatste geval zijn de vele gradaties van kwaadheid in Brouwers oeuvre een vorm van een tekort aan stoïcisme.

Brouwer is onder anderen door Dirck Hals (1591-1656) in Haarlem beïnvloed. Rond 1630 valt Brouwers kenmerkend palet van bruinen, grijzen en groenen op. Setting en figuren vormen een eenheid. De kunstenaar voert personages met expressieve en dramatische gezichtsuitdrukkingen ten tonele. Ze balanceren op de rand van het karikaturale. Uitgekiende aandacht gaat uit naar de interieurs.

Brouwer heeft een kenmerkende vrije, schetsachtige manier van schilderen waarbij hij de verf dun aanbrengt. De kunstenaar schildert naast de boerenstukken ook enkele late landschappen. Ze ogen atmosferisch en zijn eveneens met een losse toets geschilderd.

Adriaen Brouwer heeft een grote invloed op zijn tijdgenoten in Antwerpen en Haarlem. Een van die navolgers is David Teniers II (1610-1690). Zowel Rubens als Rembrandt prijzen zijn werk. Rubens heeft 17 werken van de kunstenaar in zijn bezit.

1605-1606

Adriaen Brouwer wordt mogelijk in Oudenaarde geboren.

1622

Brouwer is werkzaam in Antwerpen.

Maart 1625

Adriaen Brouwer houdt zich op in Amsterdam. Hij verblijft in de herberg van de schilder Barent van Someren (Circa 1572-1632).

1626

Adriaen Brouwer woont en werkt in deze periode mogelijk in Haarlem. Hij wordt "beminnaer" van de rederijkerskamer De Wijngaertranken in Haarlem. Het motto van deze amateuristische literaire cirkel luidt: In Liefde Boven Al.

Op 23 juli wordt hij genoemd in een akte waarin hij als getuige een verklaring van Barend van Someren en Adriaen van Nieulandt over een verkoop van schilderijen ondertekent.

1631-1632

Brouwer verkrijgt het vrijmeesterschap in het Antwerpse Sint-Lucasgilde. De kunstenaar blijft tot aan zijn vroegtijdige dood in Antwerpen. Meerdere keren duikt de kunstenaar op in de stedelijke documenten. Veelal gaat het om schulden die hij maakt.

1633

Mogelijk omwille van belastingontduiking, of omwille van politieke redenen, wordt Brouwer opgesloten.

1634

Brouwer is vrij en woont in het huis van de graveur Paulus Pontius en wordt lid van de Antwerpse rederijkerskamer De Violieren.

1635

Jan-Baptist Dandoy (Actief 1631-1638) wordt geregistreerd als leerling. Hij is de enige leerling die officieel met Brouwer in verband kan worden gebracht.

Januari 1638

Adriaen Brouwer overlijdt in Antwerpen en wordt op 1 februari in de Karmelietenkerk begraven.

Matthias Depoorter